Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 juni 2017

Onder 3.4 Parket bij de Hoge Raad 9 juni 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 juni 2017, ECLI:NL:PHR:2017:488.

A. Artsen – die op het tijdstip van de inbreuk kennis hebben van het behandelingsprotocol waarin de met EP 861 geoctrooieerde toepassing wordt beschreven – zullen uit (met name rubriek 5.1 van) Teva’s SmPC’s en bijsluiters begrijpen dat Teva’s generieke ribavirine voor die toepassing (dus voor de behandeling van naieve patienten met een genotype 1 infectie) kan worden gebruikt. Zij zullen dat generieke middel dan ook voor deze patiëntengroep voorschrijven, althans dat is zeer waarschijnlijk (‘inherently probable’), terwijl ook sommige apothekers dat middel daarvoor zullen afleveren en sommige patiënten het daarvoor zullen gebruiken (o.m. punten 4.14, 4.20, 4.23-4.28, 4.34, 4.35, 4.47, 4.48 en 4.52 MvG; punten 13-16 PA).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/89be182b55f2588ef62d65e85d2f82736d43a19d1d9ef726377475d7507a66b1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 89be182b55f2588ef62d65e85d2f82736d43a19d1d9ef726377475d7507a66b1, en de alinea staat in dat document op bytes 30918 tot 31677.