Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 juni 2017

Onder 3.2.37 Parket bij de Hoge Raad 9 juni 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 juni 2017, ECLI:NL:PHR:2017:511.

Het subonderdeel stelt met juistheid dat partijen in de gedingstukken niet de stelling hebben betrokken dat de reden voor [eiser] om over te willen gaan op een andere pensioenregeling (de onbetaalbaarheid daarvan op termijn) niet, althans in mindere mate opging voor de waarde inbreng van het reeds opgebouwde pensioen. Tegen de achtergrond van het hiervoor geschetste kader stond het het hof echter vrij om deze gevolgtrekking te maken uit de door [eiser] ingenomen – en door [verweerders] niet betwiste – stelling, dat de reden om over te willen stappen op een andere pensioenregeling gelegen was in het voorkomen van onbeheersbare pensioenkosten op termijn vanwege affinancieringsverplichtingen die in het geval van de Eindloonregeling aan toekomstige salarisverhogingen van de werknemers zouden zijn verbonden. [eiser] heeft voorts gesteld dat zij de backserviceverplichtingen tot het moment van overgang naar de nieuwe pensioenregeling volledig voor haar rekening genomen heeft. Daarmee ligt de gevolgtrekking van het hof dat de hiervoor genoemde reden van [eiser] om over te willen gaan op een andere pensioenregeling niet, althans in mindere mate, geldt voor de waarde inbreng van het reeds opgebouwde pensioen in de nieuwe pensioenregeling, dan ook voor de hand. Het hof is daarmee niet buiten het debat getreden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7a3c14325e426d36f9617bcca5c2a1a57df50dc717115650ceb2c1776525f98c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7a3c14325e426d36f9617bcca5c2a1a57df50dc717115650ceb2c1776525f98c, en de alinea staat in dat document op bytes 98810 tot 100276.