Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 juni 2017
Onder 3.1.13 Parket bij de Hoge Raad 9 juni 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 juni 2017, ECLI:NL:PHR:2017:511.
Anders dan de beide subonderdelen betogen, heeft [eiser] in de memorie van antwoord punt 13 niet gesteld – en ligt in de genoemde stellingen evenmin besloten – dat [verweerders] in 2002/2003 reeds met (een deel van) de schade bekend waren. [eiser] heeft in de memorie van antwoord punt 13 slechts gesteld dat er in 2002/2003 bekendheid was met het risico van vermindering van pensioen, oftewel met de mogelijkheid van schade. Dit is blijkens vaste rechtspraak van de Hoge Raad onvoldoende voor het laten aanvangen van de korte verjaringstermijn. Dit is recentelijk door de Hoge Raad nog bevestigd ten aanzien van de op grond van art. 3:310 lid 1 BW (eveneens) vereiste bekendheid met de aansprakelijke persoon:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7a3c14325e426d36f9617bcca5c2a1a57df50dc717115650ceb2c1776525f98c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7a3c14325e426d36f9617bcca5c2a1a57df50dc717115650ceb2c1776525f98c, en de alinea staat in dat document op bytes 29284 tot 30116.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7a3c14325e426d36f9617bcca5c2a1a57df50dc717115650ceb2c1776525f98c | shasum -a 256