Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2017

Onder 3.10. Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2017, ECLI:NL:PHR:2017:526.

Ook de wet zelf benadrukt het belang van het vertrouwen van de schuldeisers. Ik wijs behalve op het al genoemde art. 242 Fw (de intrekkingsgronden) ook op art. 218 lid 4 Fw, dat onder meer bepaalt dat de surseance nimmer definitief verleend kan worden indien er gegronde vrees bestaat dat de schuldenaar zal trachten de schuldeisers te benadelen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/988f4447dd41bbd0d787eb27eb705936624cd659f09b95ec5e3433c74226f217. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 988f4447dd41bbd0d787eb27eb705936624cd659f09b95ec5e3433c74226f217, en de alinea staat in dat document op bytes 32630 tot 32989.