Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 maart 2017

Onder 3.3. Parket bij de Hoge Raad 7 maart 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 maart 2017, ECLI:NL:PHR:2017:564.

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het klaagschrift ongegrond dient te worden verklaard. Hij heeft daartoe primair aangevoerd dat de 112-melding onder de Wet politiegegevens valt en dat daarom verstrekking reeds mogelijk is. Subsidiair heeft de officier van justitie aangevoerd dat het beroepsgeheim niet aan de orde is omdat de opgevraagde 112-melding niet als medische gegevens is te kwalificeren. Mocht de rechtbank oordelen dat de melding wel onder het medisch beroepsgeheim valt, dan is de officier van justitie van mening dat met een vordering als bedoeld in artikel 126nf van het Wetboek van Strafvordering is voldaan aan de criteria om de gegevens wel te verstrekken c.q. het beroepsgeheim te doorbreken: ten eerste mag de instemming van de patiënt (overledene) worden verondersteld en ten tweede is voldaan aan de eisen van subsidiariteit en proportionaliteit. De politie onderzoekt namelijk een kapitaal delict en de informatie is in dat kader dringend noodzakelijk, alsmede niet op andere wijze te verkrijgen. Daarenboven kennen de inhoud en reikwijdte van de 112-melding een beperkt karakter.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b8018efa2f32e624efcdb12ce4ce5448a23cdeba0536c5a81698c7ee6f558c5f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b8018efa2f32e624efcdb12ce4ce5448a23cdeba0536c5a81698c7ee6f558c5f, en de alinea staat in dat document op bytes 14806 tot 15954.