Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 april 2017

Onder 19.52.19 Parket bij de Hoge Raad 4 april 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 april 2017, ECLI:NL:PHR:2017:574.

Maar omdat jij die Engelsman kent heeft [medeverdachte 3] je verteld waar het moet gebeuren, dan smeekt [medeverdachte 3] je er naar toe te gaan en die Engelsman aan te wijzen aan die derde persoon. Die derde persoon gaat die Engelsman rippen. [medeverdachte 3] is steeds in de veronderstelling geweest dat jij er was. Maar jij hebt niet gezegd dat jij er niet was. Jij was daar alleen in de buurt samen met een vriend in een auto. [medeverdachte 3] denkt dat jij daar was om die Engelsman aan te wijzen zodat die derde persoon weet wie het is. Zodra [medeverdachte 3] vertelt waar hij is dan geef jij het door aan die derde persoon.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3dd8fbcd6bd5d880032cb7c5a431d1cfec8f9195227cfa0ef705a1edec2be048. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3dd8fbcd6bd5d880032cb7c5a431d1cfec8f9195227cfa0ef705a1edec2be048, en de alinea staat in dat document op bytes 40811 tot 41457.