Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 mei 2017

Alinea 74 Parket bij de Hoge Raad 23 mei 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 mei 2017, ECLI:NL:PHR:2017:578.

(...) Ik kwam in de brugklas in Ter Apel. Ik begon jongens leuk te vinden. Ik kreeg een vriendje toen, [betrokkene 4] . We kregen verkering. [verdachte] vroeg steeds: "Heb je een vriendje, heb je een vriendje?" Toen zei ik dat dat zo was. Ik was toen alleen met hem. Hij zei: "Dat is mooi. Nu ben je niet meer helemaal van mij". Hij zei dat op een denigrerende manier. Ik was een keer met [verdachte] alleen thuis. Het was een hele mooie dag. Hij begon weer over mijn vriendje, of ik met hem had gezoend. Hij zei weer dat ik niet meer alleen van hem was. Uit schaamte heb ik toen gezegd dat dat wel zo was, dat ik niks met mijn vriendje deed. Toen moest ik bewijzen hoeveel ik van hem hield en ik moest toen seks met hem hebben, helemaal, met alles erop en eraan. Penetreren en ik moest ook anale seks met hem hebben, maar dat lukte absoluut niet. Op een gegeven moment werd er van mij geëist dat ik het uit moest maken met mijn vriendje. Het was niet goed voor mij en mijn cijfers zouden eronder lijden. Mijn moeder sprak helemaal met [verdachte] mee. Toen heb ik het uitgemaakt met mijn vriendje.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6b74c4916096cca350e2e060a0f591affd81a2f5cfd06331082053f4a17b47fa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6b74c4916096cca350e2e060a0f591affd81a2f5cfd06331082053f4a17b47fa, en de alinea staat in dat document op bytes 18633 tot 19745.