Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2017
Alinea 104 Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2017, ECLI:NL:PHR:2017:579.
Veel nova bleken bij het herzieningsonderzoek niet zozeer gegrond op de vraag wat de betekenis is van een uitgesproken woord, maar op de vraag welk woord (welke klank) er precies in het tapgesprek valt te beluisteren. Dat betreft geen kwestie van semantiek, maar van fonetiek (en dus van goed luisteren). Alleen al om die reden gaat de veronderstelling van de raadsvrouw, te weten dat de door haar benaderde Rizgar onder alle omstandigheden als tolk het laatste woord heeft, niet op.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b2e0690e7e90f1a8f2c66194fa13ff4ccd5fc4d335c323b79630fa36499f0d88. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b2e0690e7e90f1a8f2c66194fa13ff4ccd5fc4d335c323b79630fa36499f0d88, en de alinea staat in dat document op bytes 43572 tot 44069.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b2e0690e7e90f1a8f2c66194fa13ff4ccd5fc4d335c323b79630fa36499f0d88 | shasum -a 256