Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2017

Alinea 96 Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2017, ECLI:NL:PHR:2017:579.

Echter, in zijn berekeningen veronderstelt Derksen dat Metin tapgesprek A-8-4 voerde op een moment dat hij zich nog bevond op locatie A (het restaurant). Die veronderstelling is gebaseerd op een onjuiste lezing van de transcriptie van tapgesprek A-8-4. Bovendien is het waarschijnlijker dat Metin tapgesprek A-8-4 voerde terwijl hij al met de auto onderweg was naar locatie B (het koffiehuis). Op de achtergrond van tapgesprek A-8-4 is namelijk motorgeronk te horen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b2e0690e7e90f1a8f2c66194fa13ff4ccd5fc4d335c323b79630fa36499f0d88. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b2e0690e7e90f1a8f2c66194fa13ff4ccd5fc4d335c323b79630fa36499f0d88, en de alinea staat in dat document op bytes 39084 tot 39563.