Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2017
Alinea 52 Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2017, ECLI:NL:PHR:2017:594.
30. Dat de rechtbank heeft overwogen dat, indien de lezing van de verdachte wordt gevolgd dat hij buiten zinnen zou zijn geraakt op het moment dat hij voor de tweede keer met het slachtoffer in de garage was en zij hem een duw tegen de schouder zou hebben gegeven, dit zou betekenen dat hij in een ogenblikkelijke gemoedsopwelling heeft gehandeld, doet hier niet aan af. Deze overweging van de rechtbank volgt immers op haar overweging dat de verdachte heeft verklaard over een aantal bezinningsmomenten, die er volgens de rechtbank op wijzen dat hij zijn oorspronkelijke plan zou hebben laten varen. Het hof heeft echter geoordeeld dat de verdachte zijn oorspronkelijk plan om het slachtoffer te doden niet heeft verlaten tijdens de bezinningsmomenten, en dat dit oorspronkelijke plan tot uitvoering is gebracht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d50204cdd2ac4f340ad078646827bc5aa240a11d230a7a1ca05a348b344952a8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d50204cdd2ac4f340ad078646827bc5aa240a11d230a7a1ca05a348b344952a8, en de alinea staat in dat document op bytes 32286 tot 33112.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d50204cdd2ac4f340ad078646827bc5aa240a11d230a7a1ca05a348b344952a8 | shasum -a 256