Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2017

Onder 4.14 Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 juni 2017, ECLI:NL:PHR:2017:644.

37 Het volstaat immers op te merken dat, voor binnenlandse tegoeden of inkomsten, de navorderingstermijn - zoals de Nederlandse regering ter terechtzitting heeft erkend - niet wordt verlengd in geval van verzwijging voor de fiscus. Dit is het geval wanneer binnenlandse tegoeden of inkomsten die niet op een bankrekening worden aangehouden of niet van een dergelijke rekening afkomstig zijn en dus niet onder de aangifteplicht vallen, niet aan de fiscus worden aangegeven. Wanneer een belastingplichtige nalaat dergelijke binnenlandse tegoeden of inkomsten aan de fiscus aan te geven, verkrijgt hij bijgevolg reeds na vijf jaar de zekerheid dat deze niet meer zullen worden belast, terwijl in geval van niet-aangifte van tegoeden of inkomsten uit een andere lidstaat, deze zekerheid pas na twaalf jaar wordt verkregen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9612b3ffc50031e126540358208f8a4ea78950d8cebc2e7ac066020231da5216. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9612b3ffc50031e126540358208f8a4ea78950d8cebc2e7ac066020231da5216, en de alinea staat in dat document op bytes 87718 tot 88549.