Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2017
Onder 3.22 Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2017, ECLI:NL:PHR:2017:657.
65. Het vaststellen van de waarde van een vennootschap met een onderneming is een complexe aangelegenheid. Daarvoor bestaan verschillende methoden die tot verschillende uitkomsten kunnen leiden. Dat komt ten dele omdat verwachtingen over de toekomst bij de waardebepaling vaak een belangrijke rol spelen. De (inschatting van) waarde is (dan) ook afhankelijk van de omstandigheden waarin de ondernemer verkeert. Om de waarde van de bewuste vennootschap te bepalen zal dan ook zoveel mogelijk relevante informatie over die onderneming beschikbaar moeten zijn. Vaak wordt op basis daarvan een aantal verschillende methoden toegepast om de onderneming te waarderen. Bekende waarderingsmethoden zijn bijvoorbeeld de intrinsieke waarde, de liquidatiewaarde, de beurswaarde, de rentabiliteitswaarde en de netto contante waarde van de toekomstige kasstromen. Het hangt weer van de omstandigheden van het geval af, welke methode (of combinatie van methodes) het meest voor hand ligt.”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/208b271df28d0dc0589fd2d1ead700c537a293dd1f9d4201f2a6e949a50ac778. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 208b271df28d0dc0589fd2d1ead700c537a293dd1f9d4201f2a6e949a50ac778, en de alinea staat in dat document op bytes 71398 tot 72388.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/208b271df28d0dc0589fd2d1ead700c537a293dd1f9d4201f2a6e949a50ac778 | shasum -a 256