Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2017
Onder 3.46 Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2017, ECLI:NL:PHR:2017:657.
In subonderdeel 2.1 refereert Cross Options aan haar stellingen dat zij - gelet op de grote mate van organisatorische, financiële en operationele verwevenheid -feitelijk één onderneming met haar dochtervennootschappen was, dat Cross Options de enige bestuurder en aandeelhouder van deze vier vennootschappen was, dat zij met die vennootschappen een fiscale eenheid vormde, dat Cross Options ervoor heeft gekozen om de transacties met betrekking tot het depot niet via haarzelf te laten lopen, maar via vier dochtermaatschappijen en dat dit telkens met medeweten en instemming van ING is gebeurd. Cross Options voert in dat verband het volgende aan. Om het toezichtrisico te verkleinen heeft Cross Options, net als vrijwel alle andere marktpartijen, ervoor gekozen om haar market maker activiteiten via haar vier dochtervennootschappen te laten lopen. Het was gebruikelijk dat market makers hun activiteiten verrichtten met een minimum aan kapitaal. Dat kon leiden tot optreden vanuit de Optiebeurs indien deze van oordeel was dat het werkkapitaal ontoereikend was. Vanwege prikkels om scherp aan de wind te varen, heeft Cross Options in 1991 haar activiteiten over vier dochtermaatschappijen verdeeld. Indien één van deze dochtervennootschappen vanuit de Optiebeurs met belemmeringen zou worden geconfronteerd, bijvoorbeeld omdat het eigen vermogen ontoereikend was, konden de andere dochters doorhandelen, terwijl het eigen vermogen van die ene dochter werd verhoogd. Cross Options heeft tot slot gewezen op haar stellingen dat zij de transacties niet via haar dochters zou hebben laten lopen indien dat voor haar aandeelhouders onvoordeliger was geweest dan wanneer zij het zelf zou hebben gedaan, dat Cross Options deze structuur niet zou hebben opgezet indien ING geen leenstukken aan haar dochters zou hebben willen leveren en dat de transacties via de dochters van Cross Options dan ook zijn gedaan met instemming en medeweten van ING. Tegen die achtergrond, die volgens het subonderdeel in cassatie ten minste veronderstellenderwijs tot uitgangspunt dient, acht Cross Options onjuist of onbegrijpelijk dat zij bij de begroting van de schade niet met haar dochterbedrijven is vereenzelvigd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/208b271df28d0dc0589fd2d1ead700c537a293dd1f9d4201f2a6e949a50ac778. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 208b271df28d0dc0589fd2d1ead700c537a293dd1f9d4201f2a6e949a50ac778, en de alinea staat in dat document op bytes 104339 tot 106786.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/208b271df28d0dc0589fd2d1ead700c537a293dd1f9d4201f2a6e949a50ac778 | shasum -a 256