Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2017
Onder 2.11 Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2017, ECLI:NL:PHR:2017:658.
Na vaststelling van het csqn-verband tussen de normschending en het verlies van de kans op succes dient de schade te worden vastgesteld aan de hand van een schatting van de goede en kwade kansen die de benadeelde zou hebben gehad wanneer die kans hem niet was ontnomen. Voor het op die wijze vaststellen van de schade is volgens de Hoge Raad slechts ruimte indien het gaat om een reële (dat wil zeggen niet zeer kleine) kans op succes . De Hoge Raad lijkt ten aanzien van deze voorwaarde niet al te stringente eisen te stellen aan de stelplicht van de benadeelde. In een geval waarin er onmiskenbaar sprake is van een csqn-verband tussen de tekortkoming en de gemiste kans heeft de Hoge Raad geoordeeld dat de schade zo nodig bij wijze van schatting dient te worden bepaald “(i)ndien geen grond bestaat om op voorhand ervan uit te gaan dat die kans nihil of zeer klein is” .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2d4347a5d9e6fed6091ea25dcdca2ac1425e09823279ab326e1c8a38ec2664c1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2d4347a5d9e6fed6091ea25dcdca2ac1425e09823279ab326e1c8a38ec2664c1, en de alinea staat in dat document op bytes 40875 tot 41893.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2d4347a5d9e6fed6091ea25dcdca2ac1425e09823279ab326e1c8a38ec2664c1 | shasum -a 256