Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 januari 2017

Onder 2.22 Parket bij de Hoge Raad 13 januari 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 januari 2017, ECLI:NL:PHR:2017:7.

Ik merk daarbij nog op dat ik in het cassatieberoep niet de klacht lees dat op de dagvaarding in eerste aanleg zowel [verweerster 2] als [verweerster 1] zijn verschenen – hetgeen mogelijk kon worden gebaseerd op de verklaring van [verweerster 2] ter comparitie in hoger beroep – en dat voor partijen duidelijk was wie de beoogde materiële procespartij was, te weten [verweerster 1] , zodat gelet op de verschijning van [verweerster 1] op die dagvaarding geen belang bestond bij het formele verweer van [verweerster 2] dat [eiser] de verkeerde partij heeft gedagvaard. Die casus zou qua omstandigheden meer lijken op die uit A./Seacon Logistics. Ook dan is sprake van partijwisseling, maar die zou dan mogelijk anders kunnen worden gewaardeerd. Ik teken daar wel bij aan dat uit het vonnis van de kantonrechter zelf verder niet blijkt dat moeder en dochter [verweerster 2] ter zitting in eerste aanleg zijn verschenen en dat [verweerster 2] daar zou hebben verklaard als door haar aangegeven blijkens het proces-verbaal van comparitie in hoger beroep.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b4c7c20bb3e213181d2818dd5c04e01db2b7ce3442b2ca15936abe6958582671. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b4c7c20bb3e213181d2818dd5c04e01db2b7ce3442b2ca15936abe6958582671, en de alinea staat in dat document op bytes 40340 tot 41508.