Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2017

Onder 2.31. Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2017, ECLI:NL:PHR:2017:77.

Het subonderdeel volstaat met een opsomming van de ingenomen stellingen om vervolgens te concluderen dat dus het oordeel van het hof rechtens onjuist, onbegrijpelijk dan wel onvoldoende gemotiveerd is. Waarom dit het geval is, licht het subonderdeel echter niet toe en blijkt ook niet evident uit het samenstel van arrest en cassatiedagvaarding. Daarbij geldt dat de enkele omstandigheid dat het oordeel van het hof niet in lijn is met het standpunt van [eiser] , voor een dergelijke conclusie uiteraard niet volstaat. In feite vraagt het subonderdeel om een herbeoordeling van het beroep van [eiser] op de derogerende werking van de redelijkheid en billijkheid en op het beginsel van goed werkgeverschap zoals neergelegd in art. 7:611 BW. Voor een dergelijke herbeoordeling is in cassatie echter geen plaats.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/98a3590e8e0a0bf7e486d75d835ae1e09c251a8b8209ac1890efff3a35b2a70e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 98a3590e8e0a0bf7e486d75d835ae1e09c251a8b8209ac1890efff3a35b2a70e, en de alinea staat in dat document op bytes 66656 tot 67514.