Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2017

Onder 2.48. Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 februari 2017, ECLI:NL:PHR:2017:77.

De onder a opgevoerde stelling is als zodanig inderdaad geponeerd (pagina 25 van de memorie van grieven, laatste alinea), direct gevolgd door de zin dat de regeling van 21 maart 2001 bepaalt dat een lid van het College van Bestuur met vroegpensioen kan gaan ‘waarbij de pensioenopbouw doorloopt’. Deze regeling is dus, zoals ook volgt uit de stellingen b en c, dezelfde als de regeling opgenomen in de Regeling 2004 en de overeenkomst van 23 juni 2004. Dat het hof deze eerdere regeling niet afzonderlijk heeft besproken, maar enkel de (gelijkluidende) meer recente regeling en overeenkomst uit 2004, is daarom geen motiveringsgebrek. De stelling onder d betreft een herhaling van zetten ten opzichte van de tweede klacht uit subonderdeel 2.3.1 en deelt in het lot van dat subonderdeel (zie onder 2.45 en 2.46).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/98a3590e8e0a0bf7e486d75d835ae1e09c251a8b8209ac1890efff3a35b2a70e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 98a3590e8e0a0bf7e486d75d835ae1e09c251a8b8209ac1890efff3a35b2a70e, en de alinea staat in dat document op bytes 83949 tot 84778.