Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 februari 2017

Onder 2.7.2. Parket bij de Hoge Raad 9 februari 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 februari 2017, ECLI:NL:PHR:2017:81.

Hoewel de procedure in zijn geheel meer dan vijf jaren heeft geduurd en de redelijke termijn aldus is overschreden, reikt het getroffen belang van [appellant] in deze procedure niet verder dan de vraag of hij als de in het ongelijk gestelde partij € 11,34, aan leges moet betalen. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (uitspraak van 6 juni 2007 in zaak nr. 200608140/1), wordt, behoudens onder bijzondere omstandigheden, spanning en frustratie als grond voor vergoeding van immateriële schade bij overschrijding van de redelijke termijn verondersteld. De geringe hoogte van het te betalen bedrag rechtvaardigt in dit geval die veronderstelling echter niet. Niet aannemelijk is dat [appellant] door de lengte van deze procedure zodanige spanning en frustratie heeft ondervonden, dat deze grond opleveren voor een financiële genoegdoening. De vaststelling dat de redelijke termijn is overschreden moet in dit geval als een voldoende genoegdoening worden aangemerkt. Het betoog leidt dan ook niet tot het daarmee beoogde doel.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f65d48b8dac1ae47f4d88e9be42896cbe60191edfbb1b96287979c74e75632df. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f65d48b8dac1ae47f4d88e9be42896cbe60191edfbb1b96287979c74e75632df, en de alinea staat in dat document op bytes 84848 tot 85892.