Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 juli 2017
Onder 3.17 Parket bij de Hoge Raad 14 juli 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 juli 2017, ECLI:NL:PHR:2017:885.
De klacht mist verder feitelijke grondslag voor zover wordt aangevoerd dat de rechtbank zonder enige motivering of toelichting zou hebben geoordeeld dat door [verzoeker] onvoldoende is aangevoerd dat de tegenstemmers niet redelijkerwijs tegen konden stemmen. In rov. 2.2.3 motiveert de rechtbank dat wel degelijk met een verwijzing naar het verhandelde ter zitting van 5 oktober 2016 waarvan p-v is opgemaakt en hetgeen de tegenstemmende crediteuren tijdens de zitting bij de rechtbank van 10 november 2016 en in hun verweerschriften en brieven hebben aangevoerd. Dat is een waardering van feitelijke aard door de rechter die in cassatie niet op juistheid kan worden getoetst en behoefde geen nadere motivering om begrijpelijk te zijn .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aefe94acb71b82ec2046360989c0b9480a3d0c667696a75c706c78326097f5d4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aefe94acb71b82ec2046360989c0b9480a3d0c667696a75c706c78326097f5d4, en de alinea staat in dat document op bytes 64817 tot 65629.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/aefe94acb71b82ec2046360989c0b9480a3d0c667696a75c706c78326097f5d4 | shasum -a 256