Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 juli 2017
Onder 2.3 Parket bij de Hoge Raad 14 juli 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 juli 2017, ECLI:NL:PHR:2017:885.
Een tegenovergesteld geluid is dat op verschillende gronden is te betogen dat er geen ruimte is voor analoge toepassing van art. 67 Fw in surseance, onder meer gelet op het verschillende karakter van surseance en faillissement en deze afwijking voor surseance ten opzichte van faillissement en schuldsanering nu eenmaal uitdrukkelijk onder ogen is gezien door de wetgever. De enige wel wettelijk openstaande mogelijkheid is dan die van verbetering van het proces-verbaal bedoeld in art. 269a Fw – een weg die [verzoeker] ook (zij het zonder succes voor hem) heeft bewandeld naast zijn ingestelde (hoger) beroep, zoals wij zagen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aefe94acb71b82ec2046360989c0b9480a3d0c667696a75c706c78326097f5d4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aefe94acb71b82ec2046360989c0b9480a3d0c667696a75c706c78326097f5d4, en de alinea staat in dat document op bytes 22162 tot 22806.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/aefe94acb71b82ec2046360989c0b9480a3d0c667696a75c706c78326097f5d4 | shasum -a 256