Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 juli 2017
Onder 2.5 Parket bij de Hoge Raad 14 juli 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 juli 2017, ECLI:NL:PHR:2017:885.
De surseancetitel in de Faillissementswet kent geen algemene appel- of cassatietermijn, hetgeen niet verbaast vanwege het rechtsmiddelenverbod van art. 282 Fw. Zou moeten worden aangenomen dat hier ruimte is voor doorbreking daarvan, dan is het zoeken naar een termijn daarvoor. Die zoektocht wordt allereerst bemoeilijkt door art. 362 lid 2 Fw, maar de rechtspraak van Uw Raad laat zien dat niettemin veelal wordt aangesloten bij de regeling van verzoekschriftprocedures . Volgens art. 426 lid 1 Rv is de algemene cassatietermijn drie maanden, indien de betreffende wettelijke regeling geen andere termijn voorschrijft. Is sprake van een kortere appeltermijn, dan bedraagt de cassatietermijn volgens art. 426 lid 2 Rv het dubbele van deze appeltermijn, opnieuw tenzij de betreffende wettelijke regeling een andere cassatietermijn voorschrijft. Een lijn van denken is dan dat nu hier geen sprake is van een specifieke appel- en/of cassatietermijn, toepassing van art. 426 Rv een cassatietermijn oplevert van drie maanden. Aangenomen wordt dat deze termijn van drie maanden bijvoorbeeld geldt voor cassatie tegen beschikkingen van de R-C waartegen op grond van art. 67 lid 1 Fw, laatste zin, geen hoger beroep (maar dus wel cassatie) open staat . Dat zou betekenen dat het cassatieberoep tijdig is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aefe94acb71b82ec2046360989c0b9480a3d0c667696a75c706c78326097f5d4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aefe94acb71b82ec2046360989c0b9480a3d0c667696a75c706c78326097f5d4, en de alinea staat in dat document op bytes 24194 tot 25631.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/aefe94acb71b82ec2046360989c0b9480a3d0c667696a75c706c78326097f5d4 | shasum -a 256