Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 juli 2017
Onder 1.6 Parket bij de Hoge Raad 14 juli 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 juli 2017, ECLI:NL:PHR:2017:889.
23. Tio heeft in ieder geval recht op vergoeding van de werkzaamheden die zij vóór de opzegging van geïntimeerde heeft verricht. Bij de bepaling van die vergoeding neemt het hof als uitgangspunt de tijd die is verstreken tussen het moment waarop de cursus aanving, te weten 1 september 2012, en het moment waarop namens geïntimeerde is opgezegd, te weten 1 december 2012. Dan gaat het dus om een periode van drie maanden. Dat geïntimeerde, zoals hij in zijn grieven stelt, door zijn psychische gesteldheid slechts twee en een halve maand daadwerkelijk gebruik heeft kunnen maken van de diensten van Tio, vormt geen aanleiding bij de berekening uit te gaan van een periode die korter is dan genoemde drie maanden. Pas door zijn opzegging op 1 december 2012 maakte geïntimeerde immers formeel een einde aan de door hem gevolgde opleiding en moest ook voor Tio duidelijk zijn dat geïntimeerde die opleiding niet zou vervolgen. Het hof gaat voorts bij zijn berekening van de redelijke vergoeding voor verrichte werkzaamheden uit van het volledige cursusgeld. Niet in geschil is dat het cursusgeld op jaarbasis € 12.600 bedraagt. Het hof zal de vergoeding voor de vóór de opzegging verrichte werkzaamheden naar evenredigheid vaststellen op (€ 12.600 gedeeld door 4 =) € 3.150.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5ee53608a663d685e654f39147c996ebb7f773911a1042adaae2ff8fda48d17e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5ee53608a663d685e654f39147c996ebb7f773911a1042adaae2ff8fda48d17e, en de alinea staat in dat document op bytes 20309 tot 21609.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5ee53608a663d685e654f39147c996ebb7f773911a1042adaae2ff8fda48d17e | shasum -a 256