Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 september 2017
Onder 2.12 Parket bij de Hoge Raad 1 september 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 september 2017, ECLI:NL:PHR:2017:905.
Hoewel behandeling van deze klacht, gezien het voorgaande, achterwege zou kunnen blijven, merk ik het volgende op. Het onderdeel gaat er terecht vanuit dat de (eventuele) aansprakelijkheid van [eiser] jegens Encare berust op artikel 6:212 BW en de aansprakelijkheid van [betrokkene 1] jegens Encare berust op de op 21 september 2007 gesloten (bouw)overeenkomst (zie rov. 3.1.1, eerste volzin, en rov. 3.4 van het vonnis van 21 november 2012 en voorts rov. 4.1 van TA1). Het gaat dus jegens [eiser] om een op de wet berustende vordering tot schadevergoeding. Jegens [betrokkene 1] gaat het om een vordering tot nakoming van diens contractuele verbintenis tot betaling van zijn aandeel in de bouwkosten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ae63b4b29adddac17433ae930a23eb6c81cba61b091bc5a648ed3864661354ef. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ae63b4b29adddac17433ae930a23eb6c81cba61b091bc5a648ed3864661354ef, en de alinea staat in dat document op bytes 36891 tot 37733.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ae63b4b29adddac17433ae930a23eb6c81cba61b091bc5a648ed3864661354ef | shasum -a 256