Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 augustus 2017
Onder 5.8 Parket bij de Hoge Raad 29 augustus 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 augustus 2017, ECLI:NL:PHR:2017:907.
Ik maak uit deze Abw-totstandkomingsgeschiedenis op dat de wetgever in beginsel alle gezamenlijke huishoudingen ongeacht verwantschap gelijk wilde behandelen voor de bijstand, nl. als gehuwd samenwonenden, zodat het gezamenlijke inkomen in aanmerking zou worden genomen. Uiteindelijk heeft hij nader overwogen dat een toereikende rechtvaardiging bestaat voor een uitzondering daarop voor eerstegraads bloedverwanten, die dus ondanks samenwoning in aanmerking komen voor individuele bijstand ongeacht het inkomen van de ander, zulks omdat hun samenwoning veelal voortvloeit uit een bestaande afhankelijkheidsrelatie waardoor geen of minder sprake is van een vrijwillige keus voor een gezamenlijke huishouding. Bij tweedegraads bloedverwanten was er volgens de wetgever geen sprake van een vergelijkbare afhankelijkheidsrelatie, zodat geen rechtvaardiging bestond voor een afwijking van het gelijke-behandelingsuitgangspunt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/58ad052d35211cd31cfdea60c8755df11acc6d68e3c5b8558a18b24e04194671. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 58ad052d35211cd31cfdea60c8755df11acc6d68e3c5b8558a18b24e04194671, en de alinea staat in dat document op bytes 79243 tot 80179.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/58ad052d35211cd31cfdea60c8755df11acc6d68e3c5b8558a18b24e04194671 | shasum -a 256