Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 augustus 2017
Onder 7.5 Parket bij de Hoge Raad 29 augustus 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 augustus 2017, ECLI:NL:PHR:2017:907.
[p. 2025] Zonder enige problemen, ook gelet op de discussie van destijds, verdedig ik op dit moment dat genoemde uitzonderingsbepaling, die naar mijn idee een onterechte was, wordt teruggedraaid. Voorzitter! Waarom datzelfde niet met betrekking tot bloedverwanten in de eerste graad? Ik meen dat wij daarover in de schriftelijke voorbereiding de argumenten uitvoerig gewisseld hebben. Ik vind dat er op het punt van de relatie ouders en kinderen wel sprake is van een fundamenteel andere relatie, omdat daar de gelijkwaardigheid van de betrokken personen op een geheel andere wijze beoordeeld moet worden dan die bij andere samenleefrelaties. Er is sprake van een in het verleden ontstane gezagsverhouding waarvan restanten overblijven. Dat is uiteindelijk het argument geweest om in de richting van de bloedverwanten eerste graad vast te houden aan de bestaande situatie.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/58ad052d35211cd31cfdea60c8755df11acc6d68e3c5b8558a18b24e04194671. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 58ad052d35211cd31cfdea60c8755df11acc6d68e3c5b8558a18b24e04194671, en de alinea staat in dat document op bytes 109682 tot 110567.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/58ad052d35211cd31cfdea60c8755df11acc6d68e3c5b8558a18b24e04194671 | shasum -a 256