Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 juni 2017

Onder 2.2. Parket bij de Hoge Raad 16 juni 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 juni 2017, ECLI:NL:PHR:2017:916.

Onderdeel I klaagt onder 1 dat de rechtbank ten onrechte, althans zonder toereikende motivering, het verzoek om een tegenonderzoek (contra-expertise) heeft afgewezen. Op 25 januari 2016 heeft dezelfde geneesheer-directeur een geneeskundige verklaring afgegeven met het oog op een machtiging tot voortgezet verblijf . Nu uitdrukkelijk was gevraagd om een deskundige van buiten het verpleeghuis, is het – mede gelet op het feit dat de laatste jaren steeds dezelfde geneesheer-directeur en specialist ouderengeneeskunde de beoordelaars van betrokkene zijn – onbegrijpelijk dat de rechtbank het verzoek om contra-expertise niet onderbouwd acht en van oordeel is dat niet duidelijk is gemaakt waarom de conclusie van de geneeskundige verklaring in twijfel moet worden getrokken. Volgens het middelonderdeel geldt dit te meer, nu de behandelaar en de advocaat van betrokkene hebben gesteld dat er met het geheugen van betrokkene niets aan de hand is. Volgens betrokkene maakt dit de diagnose ‘alcohol-dementie’ onbegrijpelijk, aangezien een gestoord geheugen een klemmend onderdeel van alcohol-dementie is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/00fcbaafc122b41c4db58cd6cf4d57abeef5a9a263bd20308c11b6873982e0fe. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 00fcbaafc122b41c4db58cd6cf4d57abeef5a9a263bd20308c11b6873982e0fe, en de alinea staat in dat document op bytes 9819 tot 11052.