Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2017
Onder 4.29 Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2017, ECLI:NL:PHR:2017:978.
Uw Raad heeft met zijn oordeel van 3 april 2015 dat het stelsel van de vermogensrendementsheffing waarbij een fictief rendement van 4% wordt belast in strijd is met art. 1 EP indien het door de wetgever veronderstelde rendement van 4% voor particuliere beleggers niet meer haalbaar is en belastingplichtigen, mede gelet op het toepasselijke tarief, zouden worden geconfronteerd met een buitensporig zware last, een belangrijke maatstaf aangewezen. Daarmee heeft Uw Raad ook een duidelijk signaal aan de belastingwetgever gegeven. Die heeft evenwel, lijkt mij, niet adequaat gereageerd en – ten onrechte ervan uitgaande (zie hierboven noot 12) dat Uw Raad heeft geoordeeld dat een rendement van 4% in 2010 en 2011 haalbaar was – pas met ingang van 2017 wijziging gebracht in het stelsel, terwijl dat een wijziging is die, naar mij toeschijnt, nog steeds uitgaat van rendementen die voor particuliere beleggers niet haalbaar zijn. De wetgever zit dus mijns inziens op een spoor dat kan leiden tot resultaten die volgens de rechtspraak van Uw Raad onverenigbaar zijn met art. 1 EP.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b4188945b969ad7431389d59d3d4ec85369b4b2d8d9fad057697f536c095a09e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b4188945b969ad7431389d59d3d4ec85369b4b2d8d9fad057697f536c095a09e, en de alinea staat in dat document op bytes 56781 tot 57877.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b4188945b969ad7431389d59d3d4ec85369b4b2d8d9fad057697f536c095a09e | shasum -a 256