Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 september 2017
Onder 3.24. Parket bij de Hoge Raad 15 september 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 september 2017, ECLI:NL:PHR:2017:985.
Ik keer terug naar de onderhavige zaak. In de rov. 3.9-3.11 heeft het hof aan de hand van stellingen van beide partijen uiteengezet waarom het van oordeel is dat de geldlening ten behoeve van de normale bedrijfsuitoefening strekte. Daarbij heeft het hof onder andere aandacht besteed aan het negatieve eigen vermogen, aan de onder druk staande liquiditeit van [B] en aan de omstandigheid dat aan de betrokken herfinanciering een meeromvattend plan was dat erop gericht was om de bedrijfsvoering van [B] te continueren. Het oordeel van het hof is van overwegend feitelijke aard. Ik vind de gedachtegang van het hof goed te volgen. Ik acht de door het hof gemaakte afwegingen niet onbegrijpelijk. De omstandigheden die speelden in het arrest van de Hoge Raad van 18 december 2015 zijn duidelijk anders dan in het onderhavige geval. In het arrest van 2015 was zonder kredietverlening het faillissement van de betrokken vennootschap te verwachten. Dat is in het onderhavige geval niet aan de orde. Het faillissement van de betrokken vennootschappen speelt pas meer dan 2 ½ jaar later. Het onderdeel dient m.i. te falen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eb5e2610a790f6daa0852590e18328dc5d9fd10dde5edaa61f31b0b1e0599ce7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eb5e2610a790f6daa0852590e18328dc5d9fd10dde5edaa61f31b0b1e0599ce7, en de alinea staat in dat document op bytes 56713 tot 57843.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eb5e2610a790f6daa0852590e18328dc5d9fd10dde5edaa61f31b0b1e0599ce7 | shasum -a 256