Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 september 2017

Onder 3.12 Parket bij de Hoge Raad 15 september 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 september 2017, ECLI:NL:PHR:2017:985.

[eiser] c.s. hebben in hoger beroep nog betoogd dat samenloop van artikel 1:88 lid 1 sub a, sub c en lid 5 BW maakt dat in onderhavig geval de toestemming van [eiseres 2] desalniettemin vereist is, omdat de borgstelling de facto een bezwaring van de echtelijke woning tot gevolg heeft. Het hof volgt hen daarin niet. Voor de overeenkomst van borgtocht moet afzonderlijk worden beoordeeld of daarvoor de toestemming van [eiseres 2] nodig was. Dat was, zoals hiervoor is overwogen niet geval. Dat [eiser] c.s. daarnaast ter verzekering van de nakoming van hun eigen verplichtingen jegens Rabobank aan Rabobank een recht van hypotheek op de woning hebben verleend, betekent niet dat voor de borgstelling alsnog toestemming van [eiseres 2] zou zijn vereist. Vaststaat immers dat [eiser] c.s. elkaar voor het vestigen van het hypotheekrecht tot het daarbij vastgelegde maximumbedrag over en weer wel toestemming hebben gegeven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eb5e2610a790f6daa0852590e18328dc5d9fd10dde5edaa61f31b0b1e0599ce7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eb5e2610a790f6daa0852590e18328dc5d9fd10dde5edaa61f31b0b1e0599ce7, en de alinea staat in dat document op bytes 27004 tot 28004.