Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 september 2017

Onder 3.3. Parket bij de Hoge Raad 15 september 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 september 2017, ECLI:NL:PHR:2017:985.

Voordat ik op het onderdeel inga, maak ik enige opmerkingen vooraf. Mijns inziens moet het er in cassatie voor worden gehouden dat [eiseres 2] niet bekend was met de persoonlijke borgstelling door [eiser 1] toen zij op 12 november 2009 akkoord ging met het verlenen van een hypothecair recht aan Rabobank. In het tussenvonnis van 5 februari 2014 heeft de rechtbank Rabobank opgedragen bewijs te leveren van haar stelling dat [eiseres 2] vóór 6 maart 2010 op de hoogte was van de door [eiser 1] (op 29 januari 2010 ondertekende overeenkomst van) borgtocht. In het eindvonnis van 17 september 2014 heeft de rechtbank beslist dat Rabobank niet is geslaagd in het aan haar opgedragen bewijs. Rabobank heeft hiertegen in hoger beroep gegriefd met een subsidiaire grief. Het hof is niet toegekomen aan de beoordeling van deze subsidiaire grief (zie rov. 3.16 van het arrest van het hof), omdat de eerste grief van Rabobank reeds slaagde (zie rov. 3.14).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eb5e2610a790f6daa0852590e18328dc5d9fd10dde5edaa61f31b0b1e0599ce7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eb5e2610a790f6daa0852590e18328dc5d9fd10dde5edaa61f31b0b1e0599ce7, en de alinea staat in dat document op bytes 32454 tot 33515.