Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 september 2017

Onder 3.14. Parket bij de Hoge Raad 15 september 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 september 2017, ECLI:NL:PHR:2017:985.

“Uit de ontstaansgeschiedenis van lid 4 [thans lid 5, A-G] van art. 1:88 […] komt naar voren dat de wetgever in het kader van de in art. 1:88 geregelde materie het beginsel van de gezinsbescherming belangrijk achtte en dat hij daarop weliswaar een uitzondering heeft gemaakt door lid 4 toe te voegen, doch daarbij met de woorden 'mits zij geschiedt ten behoeve van de normale bedrijfsuitoefening van die vennootschap' een wezenlijke beperking heeft beoogd. Klaarblijkelijk is bedoeld dat de toestemming van de andere echtgenoot alleen dan niet is vereist indien de rechtshandeling waarvoor de in art. 1:88 lid 1 onder c bedoelde zekerheid wordt verstrekt zelf behoort tot de rechtshandelingen die in de normale uitoefening van een bedrijf plegen te worden verricht [onderstreping A-G ].”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eb5e2610a790f6daa0852590e18328dc5d9fd10dde5edaa61f31b0b1e0599ce7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eb5e2610a790f6daa0852590e18328dc5d9fd10dde5edaa61f31b0b1e0599ce7, en de alinea staat in dat document op bytes 41966 tot 42976.