Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 september 2017

Onder 3.20. Parket bij de Hoge Raad 15 september 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 september 2017, ECLI:NL:PHR:2017:985.

In een arrest van de Hoge Raad van 19 december 2008 ging het om een borgstelling door een bestuurder/indirect aandeelhouder van een Nederlandse vennootschap (B. BV) in het kader van de financiering van een overname. Van het financieringsplan voor de overname maakte deel uit dat de schuld van een Belgische vennootschap (C. NV) aan Fortis moest worden overgenomen door (het door B. BV van C. NV te verkrijgen) A. NV, zulks met toestemming van Fortis. Fortis stelde als voorwaarde voor de schuldoverneming door A. NV dat de voornoemde bestuurder van B. BV in privé borg zou staan – als indirect bestuurder van C. NV – voor een bedrag van € 794.115,00. De bestuurder ging hiermee akkoord, doch, naar later bleek, zijn echtgenote niet. Het hof oordeelde dat de borgstelling niet is geschied ten behoeve van de normale uitoefening van het bedrijf van A. NV. A-G Wuisman kwam tot de conclusie dat het hof heeft kunnen oordelen dat het overnemen van de geldleenschuld niet kan worden opgevat als een rechtshandeling die binnen de normale uitoefening van het bedrijf van A. NV viel. De Hoge Raad verwierp vervolgens het cassatieberoep met toepassing van art. 81 RO.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eb5e2610a790f6daa0852590e18328dc5d9fd10dde5edaa61f31b0b1e0599ce7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eb5e2610a790f6daa0852590e18328dc5d9fd10dde5edaa61f31b0b1e0599ce7, en de alinea staat in dat document op bytes 50045 tot 51288.