Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 september 2017
Onder 4.10 Parket bij de Hoge Raad 8 september 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 september 2017, ECLI:NL:PHR:2017:986.
Gelet op het slagen van de grieven 1 en 2 komt aan de orde of de vorderingen van het Bedrijfstakpensioenfonds op de overige daartoe aangevoerde – door [eiser] onder diens grieven 5 en 6 betwiste – gronden toewijsbaar zijn. Het pensioenfonds heeft zich allereerst beroepen op artikel 23 lid 3 Wet Bpf, op grond van welke bepaling de bestuurder persoonlijk aansprakelijk is voor de pensioenschulden van de vennootschap indien aannemelijk is dat het niet betalen van de bijdragen het gevolg is van aan hem te wijten kennelijk onbehoorlijk bestuur in de periode van drie jaar voorafgaande aan het tijdstip van de mededeling. Daarnaast heeft het Pensioenfonds meer in het algemeen gesteld dat de onderhavige premieschade het gevolg is van onrechtmatig handelen van [eiser] .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b6ce248f474ba002c47ab3c11e70e0a3f8651d863bf230e3a6c4a65a8b1cc489. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b6ce248f474ba002c47ab3c11e70e0a3f8651d863bf230e3a6c4a65a8b1cc489, en de alinea staat in dat document op bytes 13878 tot 14664.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b6ce248f474ba002c47ab3c11e70e0a3f8651d863bf230e3a6c4a65a8b1cc489 | shasum -a 256