Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 september 2017

Onder 2.27 Parket bij de Hoge Raad 22 september 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 september 2017, ECLI:NL:PHR:2017:990.

In cassatie is niet bestreden dat eiseres in de verstekprocedure, [A] B.V., ten tijde van het inleiden van die procedure in eerste aanleg, woonplaats – dat wil zeggen: haar plaats van vestiging – had in Nederland. Het hof heeft aldus terecht aangenomen dat de Nederlandse rechter destijds op grond van art. 126 lid 3 (oud) Rv internationaal bevoegd was om kennis te nemen van de vorderingen van (de rechtsvoorgangster van) [verweerster].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8fa117982046f3f09221d752d10d647a388a9006db5ee824e9f89b635abcf10f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8fa117982046f3f09221d752d10d647a388a9006db5ee824e9f89b635abcf10f, en de alinea staat in dat document op bytes 52815 tot 53272.