Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 september 2017
Onder 2.12 Parket bij de Hoge Raad 22 september 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 september 2017, ECLI:NL:PHR:2017:990.
Met verwijzingen naar onder meer het gesloten stelsel van rechtsmiddelen en de rechtszekerheid dat aan procedures eens een eind moet komen, betoogt A-G Verkade in zijn conclusie voor het arrest van 23 maart 2007 dat de rechter de tenuitvoerlegging van een in kracht van gewijsde gegane uitspraak niet in een executiegeschil kan verbieden omdat hij van oordeel is dat de uitspraak juridisch of feitelijk onjuist is of omdat hij tot een ander oordeel komt. De executierechter kan slechts oordelen dat sprake is van misbruik van executiebevoegdheid als de executant weet dat een veroordelend en in kracht van gewijsde gegaan vonnis op een onjuiste feitelijke grondslag berust en niettemin de executie daarvan doorzet .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8fa117982046f3f09221d752d10d647a388a9006db5ee824e9f89b635abcf10f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8fa117982046f3f09221d752d10d647a388a9006db5ee824e9f89b635abcf10f, en de alinea staat in dat document op bytes 33284 tot 34174.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8fa117982046f3f09221d752d10d647a388a9006db5ee824e9f89b635abcf10f | shasum -a 256