Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 september 2018
Onder 3.78 Parket bij de Hoge Raad 7 september 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 september 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1017.
Bij de bespreking van dit subonderdeel stel ik voorop dat de rechter de een ieder verbindende bepalingen uit het EVRM dient toe te passen (art. 93 Gw). Dat brengt mee dat hij ook gehouden is die bepalingen zelf uit te leggen, met dien verstande dat de taakverdeling tussen de nationale rechter en het EHRM meebrengt dat de nationale rechter zich bij zijn uitleg van de bepalingen van het EVRM richt naar de gevestigde rechtspraak van het EHRM. Art. 53 EVRM laat de verdragsstaten de vrijheid om verdergaande bescherming te bieden dan voortvloeit uit de bepalingen van het EVRM. Ten aanzien van de vraag of de Nederlandse rechter bevoegd is wetgeving in formele zin te toetsen aan het EVRM, heeft de Hoge Raad geoordeeld dat art. 94 en 120 Gw meebrengen dat de Nederlandse rechter (bepalingen uit) een wet in formele zin slechts buiten toepassing mag laten indien toepassing van die wet niet verenigbaar is met een ieder verbindende bepalingen van verdragen en van besluiten van volkenrechtelijke organisaties. Een zodanige onverenigbaarheid kan echter niet worden aangenomen op grond van een uitleg door de nationale – Nederlandse – rechter van de bepalingen van het EVRM die afwijken van de gevestigde rechtspraak van het EHRM met betrekking tot die verdragsbepalingen, aldus de Hoge Raad.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5db773abcd5a6c092e6bdf1b914188f951f8529682e95890d9257d5bdf17435e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5db773abcd5a6c092e6bdf1b914188f951f8529682e95890d9257d5bdf17435e, en de alinea staat in dat document op bytes 112441 tot 113812.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5db773abcd5a6c092e6bdf1b914188f951f8529682e95890d9257d5bdf17435e | shasum -a 256