Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 september 2018

Onder 4.29.3. Parket bij de Hoge Raad 7 september 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 september 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1017.

3.138 Uit de genoemde rechtsoverwegingen blijkt duidelijk waarop het hof dit oordeel heeft gebaseerd; de e-mails worden daarin verder niet vermeld. In de slotzin van rov. 4.42 heeft het hof immers overwogen dat de e-mails ‘voor zover relevant’ in de beschouwingen worden betrokken. Het hof verwijst echter wel naar andere stukken, zoals productie G433 in rov. 4.44.5. In dit verband wijs ik erop dat Promneftstroy c.s. in hoger beroep heeft betoogd dat in het bijzonder de door [verweerders] overgelegde producties G482-G505 (bestaande uit voornamelijk e-mailcorrespondentie) onrechtmatig zijn verkregen. [verweerders] hebben echter, zoals blijkt uit de memorie van antwoord na verwijzing, ander (nieuw) bewijsmateriaal, waaronder de hierboven genoemde productie G433, ten grondslag gelegd aan de stelling dat de veiling van YNG ‘doorgestoken kaart’ was. De klacht dat de door [verweerders] overgelegde e-mails niet zagen op de veiling van YNG in 2004, doet niet ter zake nu het hof zijn oordeel omtrent de gang van zaken rond de veiling van YNG in 2004 niet op deze e-mails heeft gebaseerd. Alle klachten van het subonderdeel stuiten op het voorgaande af.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5db773abcd5a6c092e6bdf1b914188f951f8529682e95890d9257d5bdf17435e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5db773abcd5a6c092e6bdf1b914188f951f8529682e95890d9257d5bdf17435e, en de alinea staat in dat document op bytes 170413 tot 171719.