Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 september 2018

Onder 3.11 Parket bij de Hoge Raad 7 september 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 september 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1017.

Aan de regel dat in de lidstaat van herkomst de rechtsmiddelen moeten zijn uitgeput – ‘de uitputtingsregel’ –, ligt, zo blijkt uit de hierboven geciteerde overwegingen van het HvJEU, ten grondslag het beginsel van het wederzijds vertrouwen dat de lidstaten onderling hebben in hun rechtsstelsels en rechterlijke instanties. Het HvJEU gaat ervan uit dat het bestaande stelsel van rechtsmiddelen in de lidstaten, aangevuld met de prejudiciële procedure van art. 267 VWEU, voldoende bescherming biedt een gestelde schending van de openbare orde te herstellen en dat op deze wijze een schending van de openbare orde in een eerder stadium kan worden voorkomen. De uitputtingsregel is dan ook niet van toepassing op een geval als het onderhavige, waarbij van Unietrouw immers geen sprake is. Tegen deze achtergrond bestaat ook geen ruimte voor een analoge toepassing van de rechtspraak van het HvJEU hieromtrent. Voor zover het subonderdeel betoogt dat het hof de uitputtingsregel heeft miskend, kan dit betoog niet slagen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5db773abcd5a6c092e6bdf1b914188f951f8529682e95890d9257d5bdf17435e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5db773abcd5a6c092e6bdf1b914188f951f8529682e95890d9257d5bdf17435e, en de alinea staat in dat document op bytes 42474 tot 43513.