Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 september 2018

Onder 2.16 Parket bij de Hoge Raad 28 september 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 september 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1077.

De notaris c.s. wijzen voor hun stelling dat de vordering in vrijwaring ook zelfstandige betekenis heeft, in het bijzonder op randnummer 3.37. Ik vind in die paragraaf daarvoor onvoldoende grond. Dat in randnummer 3.33, waarop paragraaf 3.37 een vervolg is, is vermeld dat de vaststellingsovereenkomst “op zichzelf ook” onrechtmatig is jegens de notaris, lijkt mij ook niet een dergelijke aanwijzing, maar markeert m.i. slechts het verschil met de daaraan voorafgaande paragraaf (onder 3.24 e.v. – onrechtmatig profiteren wanprestatie).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/314cbb6fc3442014f690b5214217349c8ec2ef7c3598ace40ba47024bad3cb4f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 314cbb6fc3442014f690b5214217349c8ec2ef7c3598ace40ba47024bad3cb4f, en de alinea staat in dat document op bytes 52845 tot 53400.