Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 februari 2018

Onder 3.12 Parket bij de Hoge Raad 2 februari 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 februari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:112.

Het is de vraag wat de mogelijkheden van [verzoeker] nog zijn, mocht het bestaan van de brief alsnog komen vast te staan of mocht anderszins blijken dat hij destijds door de bank als ‘good leaver’ is aangemerkt. Er ligt immers al een rechterlijke beslissing over de vergoeding die hem toekomt in verband met zijn optierechten (zie onder 1.9 en 1.10). [verzoeker] heeft in zijn verzoekschrift de volgende vorderingen genoemd (zie rov. 2.9):

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d91df4dc40fa2dd6ea45e97df2048b417c119d3b74b3eda523da6a44aa0f871d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d91df4dc40fa2dd6ea45e97df2048b417c119d3b74b3eda523da6a44aa0f871d, en de alinea staat in dat document op bytes 39755 tot 40211.