Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 februari 2018

Onder 3.17 Parket bij de Hoge Raad 2 februari 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 februari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:112.

kan in het kader van de beoordeling van het verzoek tot voorlopig getuigenverhoor niet gezegd worden dat zij evident kansloos is. Hierbij is te betrekken dat [verzoeker] het voorlopig getuigenverhoor niet alleen wil gebruiken om te onderzoeken of ABN Amro stukken heeft achtergehouden, maar ook of hij volgens het eigen beleid van de bank als ‘good leaver’ had moeten kwalificeren. Dit doel heeft het hof niet kenbaar bij zijn beoordeling betrokken, waarmee ook onderdeel 2.2.2 en onderdeel 2.2.3 slagen. Mocht het voorlopig getuigenverhoor uitwijzen dat ABN Amro [verzoeker] niet heeft behandeld conform haar eigen beleid inzake het zijn van ‘good leaver’, dan zie ik niet in dat op voorhand moet worden aangenomen dat een in verband hiermee in te stellen vordering uit onrechtmatige daad evident kansloos is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d91df4dc40fa2dd6ea45e97df2048b417c119d3b74b3eda523da6a44aa0f871d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d91df4dc40fa2dd6ea45e97df2048b417c119d3b74b3eda523da6a44aa0f871d, en de alinea staat in dat document op bytes 46346 tot 47317.