Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 februari 2018
Onder 2.17 Parket bij de Hoge Raad 2 februari 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 februari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:113.
Voor de pleegouders waarop de toelichting betrekking heeft, geldt dat zij geen gezag hebben over de minderjarige. Voor het zijn van belanghebbende in de zin van art. 798 lid 1, tweede volzin, Rv is het dus kennelijk níet nodig om gezag over de minderjarige te hebben. Wel kan worden aangenomen dat de bedoelde pleegouders en stiefouders, als zij de minderjarige langer dan een jaar in hun gezin verzorgen en opvoeden, family life in de zin van art. 8 EVRM met de minderjarige hebben. Gelet op wat hiervoor (onder 2.11) is opgemerkt, kan geconstateerd worden dat de toevoeging van de tweede volzin aan art. 798 lid 1 Rv eigenlijk niet nodig was geweest: wie zich kan beroepen op family life én te maken heeft met een verzoek dat dit family life rechtstreeks treft , zal reeds op grond van de eerste volzin van art. 798 lid 1 Rv moeten worden aangemerkt als belanghebbende.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d8c5607f20d53b0d2f5b47551ad7f5b2b3750226fe0309a11a6f0b6b6b722a45. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d8c5607f20d53b0d2f5b47551ad7f5b2b3750226fe0309a11a6f0b6b6b722a45, en de alinea staat in dat document op bytes 43221 tot 44247.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d8c5607f20d53b0d2f5b47551ad7f5b2b3750226fe0309a11a6f0b6b6b722a45 | shasum -a 256