Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 september 2018

Onder 3.9. Parket bij de Hoge Raad 20 september 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 september 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1139.

Zoals de minister bij de parlementaire behandeling van art. 2:248 BW opmerkte “kan iedere ondernemer overkomen dat transacties tegenvallen of dat investeringen, ondanks goede voorbereidingen, niet het gewenste rendement opleveren. Als faillissement van de onderneming dan het gevolg is, is er geen sprake van kennelijk onbehoorlijk bestuur.” In de onderhavige casus lijkt zich de omgekeerde situatie voor te doen. Er is sprake van een faillissement, maar het zou zich in het onderhavige geval kunnen voordoen dat het faillissement niet, althans nog niet, onvermijdelijk was. Voor aansprakelijkheid van een bestuurder in een dergelijk geval is mijns inziens de informatie waarover hij beschikte of behoorde te beschikken ten tijde van de aan hem verweten beslissingen of gedragingen . In casu is dat op het moment dat [eiser] de eigen aangifte tot faillietverklaring van Geocopter deed op 27 december 2011. Daarbij kan ook zijn kennis ten tijde van de mondelinge behandeling van de eigen aangifte op 11 januari 2012 (nr. 1.18-1.19 van de feiten) meewegen. Het dient er om te gaan of [eiser] toen over zodanige gegevens beschikte of diende te beschikken dat hij moest begrijpen dat het faillissement voor de schuldeisers van Geopter nadelig was.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cae1f4e53b1f7843b19890d0871f674fef6df7756c9105c641b2e58f17486731. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cae1f4e53b1f7843b19890d0871f674fef6df7756c9105c641b2e58f17486731, en de alinea staat in dat document op bytes 64043 tot 65465.