Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 september 2018

Onder 2.3 Parket bij de Hoge Raad 28 september 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 september 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1141.

Het hof heeft in rov. 3.4 – in zoverre onbestreden in cassatie – tot uitgangspunt genomen (a) dat de vrouw “(ook) over de competenties beschikt om het bedrijf zelfstandig te kunnen leiden”, (b) dat hiervan ook getuigt “de hogere omzet die de vrouw in de onderneming heeft gerealiseerd sinds zij de onderneming voor haar rekening en risico drijft” en (c) dat het in het belang van beide partijen is dat te zijner tijd “een goedlopende onderneming kan worden overgedragen” aan hun zoon. Voorts heeft het hof tot uitgangspunt genomen (d) dat de vrouw, naast haar inhoudelijke kennis, beschikt over “de noodzakelijke kennis en vaardigheden voor het voeren van de administratie en het werven en behouden van klanten” en (e) dat de man voor die werkzaamheden “derden zou moeten inschakelen, hetgeen van negatieve invloed zou zijn op de bedrijfsresultaten”. Het betreft hier vijf feitelijke uitgangspunten, waarvan de vaststelling is voorbehouden aan het hof als rechter die over de feiten oordeelt. In het licht van deze feitelijke uitgangspunten is niet onbegrijpelijk voor de lezer dat het hof de onderneming aan de vrouw heeft toebedeeld. Dit blijft binnen de vrijheid die het hof daarbij ingevolge art. 3:185 lid 1 BW toekwam. Hierop stuit het middel in al zijn onderdelen af. Volledigheidshalve ga ik kort nog in op de afzonderlijke klachten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8a0f08fc5e69d07d8cb1d3a2962068e015eff8879791b71dc678d7b2df43ee40. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8a0f08fc5e69d07d8cb1d3a2962068e015eff8879791b71dc678d7b2df43ee40, en de alinea staat in dat document op bytes 10398 tot 11776.