Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2018
Onder 3.9. Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1145.
In de eerste plaats stel ik voorop dat het in deze zaak gaat om een procedure in kort geding. De aard van de procedure in kort geding brengt mee dat relatief minder strenge motiveringseisen gelden dan in een bodemprocedure. Dat hangt samen met het voorlopige karakter van de beslissingen van de voorzieningenrechter en de daarbij door de rechter te betrachten spoed. Een beslissing in kort geding dient wel altijd tenminste zodanig gemotiveerd te zijn dat zij voldoende inzicht geeft in de daaraan ten grondslag liggende gedachtegang om de beslissing voor partijen, maar ook voor de hogere rechter, controleerbaar en aanvaardbaar te maken. De aard van de procedure in kort geding neemt uiteraard niet weg dat ook de voorzieningenrechter zich altijd rekenschap dient te geven van de verplichtingen die door het volkenrecht aan de Staat worden opgelegd (nr. 3.4 hiervoor).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eb116cf6541f252750c155c59c3013964245b0a42d776a829b1035315cd468d9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eb116cf6541f252750c155c59c3013964245b0a42d776a829b1035315cd468d9, en de alinea staat in dat document op bytes 38033 tot 39045.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eb116cf6541f252750c155c59c3013964245b0a42d776a829b1035315cd468d9 | shasum -a 256