Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2018
Onder 3.2 Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1152.
In het middel wordt het geschil naar een wat hoger abstractieniveau getild: het oordeel dat een op staande voet gegeven ontslag niet rechtsgeldig is als ten tijde van het ontslag de dringende reden zich daadwerkelijk voordeed, getuigt van een onjuiste rechtsopvatting. Volgens het middel volstaat het dat de werkgever het bestaan van die reden ten tijde van het ontslag vervolgens in rechte wel weet te bewijzen en dat die reden ook als dringende reden in de zin van art. 7:678 BW moet worden aangemerkt. Voor het concrete geval zou dat betekenen dat Mondriaan er niet toe was verplicht door een deskundige een onderzoek te laten uitvoeren naar de invloed van de medische beperkingen van [verweerster] op haar mogelijkheden een verklaring voor het verdwijnen van de aan Mondriaan toebehorende gelden te geven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d672fbab94c899d8eb57694e56c88b64ee56fa1cfedcd59b4049b4565c164a78. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d672fbab94c899d8eb57694e56c88b64ee56fa1cfedcd59b4049b4565c164a78, en de alinea staat in dat document op bytes 43637 tot 44460.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d672fbab94c899d8eb57694e56c88b64ee56fa1cfedcd59b4049b4565c164a78 | shasum -a 256