Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2018

Onder 2.5.2 Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1155.

Hij concludeert dat de wetgever heeft beoogd dat een schuldeiser als bedoeld in artikel 482, tweede lid Rv die de daar bedoelde termijn niet in acht heeft genomen, in een later stadium alsnog een (aanvullende) vordering kan aanmelden als ook voldaan wordt aan de overige vereisten van dit artikel (rov. 2.7). De rechter-commissaris oordeelt vervolgens dat KBC een redelijk belang heeft bij het alsnog toelaten van haar aanvullende rente- en kostenvordering tot de diverse rangregelingen, mits zij de door het late aanmelden veroorzaakte kosten en schade voor haar rekening neemt en deze na begroting onverwijld zal storten onder de notaris (rov. 2.9). Alle belanghebbenden zullen op de zitting van 15 december 2017 desgewenst tegenspraak kunnen doen (rov. 2.10). De rechter-commissaris verzoekt de belanghebbenden om opgave te doen van hun eventuele schade en kosten (rov. 2.111).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7a28d2cb504dc2b198fc0320a13b0a939ad3df0ace295daee1befe8da10a34c4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7a28d2cb504dc2b198fc0320a13b0a939ad3df0ace295daee1befe8da10a34c4, en de alinea staat in dat document op bytes 19685 tot 20581.