Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2018
Onder 2.3 Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1159.
Ter inleiding merk ik op dat de op 1 juli 2015 ingevoerde Wet werk en zekerheid (Wwz) een semi-gesloten stelsel van ontslaggronden meebracht . In art. 7:669 lid 3 BW en, daarop voortbouwend, in de op art. 7:669 lid 5 BW gebaseerde Ontslagregeling zijn betrekkelijk concrete normen opgenomen om te beoordelen of er een redelijke grond voor ontslag is. Beoogd is, daarmee de rechtszekerheid te bevorderen . Om die reden geeft de Wwz niet een open norm voor beëindiging van een arbeidsovereenkomst , zoals voorheen was opgenomen in art. 7:685 lid 2 (oud) BW . Zo is, volgens de wetgever, de toetsingsruimte voor de rechter beperkt . Een ander verschil met het vroegere ontslagrecht is dat een werkgever niet langer kan kiezen tussen een ontbindingsverzoek bij de kantonrechter en een ontslag met toestemming van het UWV. De te volgen procedure bij beëindiging van een arbeidsovereenkomst hangt af van de grond die de werkgever daarvoor aanvoert.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a63eb0485bfaffd347338649ca2bf8c205b9e6b101acf4407630ace65e7ff673. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a63eb0485bfaffd347338649ca2bf8c205b9e6b101acf4407630ace65e7ff673, en de alinea staat in dat document op bytes 23440 tot 24840.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a63eb0485bfaffd347338649ca2bf8c205b9e6b101acf4407630ace65e7ff673 | shasum -a 256