Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2018
Onder 4.14 Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2018
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1215.
Nee. Voor periodieke uitkeringen ter vervanging van gederfd of te derven loon gelden weliswaar minder strikte variabiliseringsgrenzen dan voor pensioenuitkeringen. Deze periodieke uitkeringen moeten na variabilisering echter wel een voldoende realiteitsgehalte blijven houden. Dit is bijvoorbeeld niet het geval bij een eenmalige uitkering van 100 die wordt gevolgd door periodieke uitkeringen van 1. In de praktijk bestaat een veelheid aan verschillende omstandigheden die een rol kunnen spelen voor het realiteitsgehalte van de in omvang gevariabiliseerde periodieke uitkeringen. Teneinde een veelvoudige discussie in de praktijk te voorkomen hanteert de Belastingdienst de vuistregel dat een periodieke uitkering waarbij de laagste uitkering niet minder bedraagt dan 10% van de hoogste uitkering (bandbreedte 1:10) nog een voldoende realiteitsgehalte heeft. Indien de variabilisering van de periodieke uitkeringen deze bandbreedte te buiten gaat, zal per afzonderlijke situatie beoordeeld moeten worden of de periodieke uitkeringen na variabilisering nog voldoende realiteitsgehalte hebben.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8b4e8632f551de984a836fc6e7f4144dd192dfb4f8971efd5f352a8afea9beab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8b4e8632f551de984a836fc6e7f4144dd192dfb4f8971efd5f352a8afea9beab, en de alinea staat in dat document op bytes 82116 tot 83223.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8b4e8632f551de984a836fc6e7f4144dd192dfb4f8971efd5f352a8afea9beab | shasum -a 256