Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 november 2018

Onder 3.27 Parket bij de Hoge Raad 9 november 2018

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 november 2018, ECLI:NL:PHR:2018:1273.

Het HvJEU bevestigt dat het recht van inzage van de betrokkene slechts betrekking heeft op de hem betreffende persoonsgegevens ; het strekt zich niet uit tot andere informatie. Voor zover in het originele document waarop het inzageverzoek is gericht andere informatie dan de betrokkene betreffende persoonsgegevens is opgenomen, kan deze informatie onleesbaar worden gemaakt. Deze benadering betekent dat alleen inzage hoeft te worden gegeven in de verwerkte persoonsgegevens en dat de rest van het betrokken document zwart gemaakt kan worden, zo lang de wèl verstrekte informatie ‘begrijpelijk’ is. De betrokkene moet immers in staat worden gesteld na te gaan of de hem betreffende persoonsgegevens juist zijn en rechtmatig zijn verwerkt (zie punt 57). Wanneer die controle op juistheid en rechtmatigheid mogelijk is op andere wijze dan door het verkrijgen van een afschrift dan heeft de betrokkene geen recht op een afschrift (punt 58).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4254a67f15b82ca5c7b54949a41fe405d381e6ef345fa77bf70e258d1c3da4c1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4254a67f15b82ca5c7b54949a41fe405d381e6ef345fa77bf70e258d1c3da4c1, en de alinea staat in dat document op bytes 55063 tot 56088.